preheader NTVH

Celgene Leaderboard eNewsletters EHA

Obinutuzumab toegevoegd aan DHAP induceert MRD-negativiteit bij driekwart van patiënten met mantelcellymfoom

Resultaten van de LYMA-101-studie laten zien dat de combinatie van obinutuzumab en DHAP een zeer effectieve inductiebehandeling is voor jonge mantelcellymfoompatiënten. Maar liefst driekwart behaalde MRD-negativiteit in het beenmerg na deze behandeling. Een langere follow-up is nodig om het uiteindelijke effect van obinutuzumab plus DHAP, gevolgd door een autologe stamceltransplantatie en zo nodig obinutuzumab-onderhoudsbehandeling te evalueren. De hoge progressievrije en totale overleving na 1 jaar zijn echter veelbelovend.

Achtergrond

Dat een verlengde minimale restziekte (‘minimal residual disease’, MRD)-negatieve status na inductietherapie en autologe stamceltransplantatie (ASCT) een sterke onafhankelijke prognostische marker bij mantelcellymfoom (MCL) is, is reeds bekend. De huidige standaardbehandeling bij jonge, fitte MCL-patiënten bestaat uit hoge dosis cytarabine, cisplatine en dexamethason (DHAP) en rituximab gevolgd door ASCT en 3 jaar onderhoudsbehandeling, met rituximab.
Obinutuzumab is een tweedegeneratie monoklonaal anti-CD20-antilichaam dat zo is ontworpen dat het de antilichaam-afhankelijke celgemedieerde cytotoxiciteit van rituximab verbetert. Obinutuzumab wordt reeds gebruikt bij de behandeling van chronische lymfatische leukemie. In vitro experimenten suggereren dat obinutuzumab een grotere anti-MCL-activiteit heeft dan rituximab.

Studie-opzet en resultaten

De LyMa-101-studie is een prospectieve, multicenter, eenarmige fase II-studie naar het effect van obinutuzumab bij behandelingsnaïeve MCL-patiënten jonger dan 66 jaar die in aanmerking komen voor ASCT. Het inductieregime in de studie bestaat uit 4 cycli obinutuzumab plus DHAP (O-DHAP) voorafgaande aan consolidatie met ASCT (BEAM-conditionering plus obinutuzumab) gevolgd door obinutuzumab-onderhoudstherapie gedurende 3 jaar en zo nodig (‘on demand’) obinutuzumab voor MRD-positieve patiënten. Primaire eindpunt van de studie was het percentage MRD-negatieve patiënten na 4 cycli O-DHAP.
In de LyMa-101-studie werden in totaal 86 patiënten geïncludeerd, van wie er 1 de toestemming terugtrok voor aanvang van de behandeling. De gemiddelde leeftijd was 58 jaar en 73% was man. Bijna alle patiënten hadden Ann Arbor stadium III of IV-ziekte en ongeveer een vijfde had B-symptomen. Negentig procent van de patiënten had extra-nodale betrokkenheid en 17% had een blastoïde MCL-variant.
Steven Le Gouill presenteerde de resultaten na een mediane follow-up van 14 maanden. Van de 85 patiënten hadden er 14 een niet-evalueerbare MRD-status, met name vanwege puur nodale ziekte en een niet-detecteerbare MCL-kloon in perifeer bloed of beenmerg. Drieënvijftig van de 71 MRD-evalueerbare patiënten (75%) behaalden MRD-negativiteit in het beenmerg, gemeten met qPCR. Volgend op inductietherapie ondergingen 72 patiënten ASCT en 61 van hen startten met obinutuzumab-onderhoudsbehandeling. De 1-jaars progressievrije overleving (‘progression-free survival’, PFS) bedroeg 93,4% en de 1-jaars totale overleving (‘overall survival’, OS) 96%.

Conclusie

De resultaten van de LyMa-101-studie tonen een hoge effectiviteit van O-DHAP als inductiebehandeling voor patiënten met MCL. De meerderheid van de patiënten behaalde een MRD-negatieve status in het beenmerg na dit inductieregime. Een langere follow-up is nodig om de langetermijnuitkomsten te evalueren voor patiënten na O-DHAP gevolgd door ASCT en zo nodig obinutuzumab-onderhoudsbehandeling.

Referentie

Le Gouill S, Beldi-Ferchiou A, Cacheux V, et al. Obinutuzumab plus DHAP followed by autologous stem cell transplantation plus obinutuzumab maintenance provides a high MR response rate in untreated MCL patients, LYMA-101 trial – A LYSA trial. Gepresenteerd tijdens EHA 2019; abstract S103.

Spreker Steven Le Gouill

Legouill

Steven Le Gouill, MD, PhD, Nantes University Hospital, Nantes, Frankrijk

 

Zie: Keyslides

 

Naar boven